Afgelopen vrijdag heb ik Pak Tatang van de pier waar de ferry aanlegt afgehaald. Nu klinkt dit gemakkelijk maar dat valt tegen. Pak Tatang is een Indonesiër die van de afdeling van Theo in Bandung hier in Shenzhen komt helpen. Ik kende hem niet en dus is dat een extra handicap. Als hint had ik van Theo te horen gekregen dat hij 2 voortanden mist, maar ja niet iedereen heeft zijn mond open.
De ferry is nogal groot en er kunnen heel erg veel mensen mee vervoerd worden. Ik was op een plek gaan staan waar ik hem niet kon missen. Maar dan komen er allemaal Aziaten van die boot. Normaal gesproken is het meestal niet zo druk maar deze boot zat vol met Japanners en een grote groep Indiërs en natuurlijk Chinezen, Koreanen en Singporezen. Nou wonen wij toch al een tijdje hier in Azië maar het is nog steeds heel erg moeilijk om te zien waar ze vandaan komen en wat hun nationaliteit is.
Ik had natuurlijk 1 geluk ik ben blank en Pak Tatang wist dat ik hem stond op te wachten. Aangezien er verder geen enkele blanke stond te wachten was het voor hem niet moeilijk om uit die grote groep Aziaten op mij af te stappen en te vragen: “Mrs. Titia?” Yes!!! Ik had hem gevonden of eigenlijk hij mij.
We zijn in een taxi gestapt en omdat de ferrypier niet ver van het hotel is, willen de taxichauffeurs je eigenlijk niet in hun auto hebben (verdienen ze te weinig). Maar deze stemde er mee in en begon te rijden nadat hij mijn briefje met de naam van het hotel had gelezen. Ik merkte direct dat hij een omweg ging rijden en zat me al weer aardig op te vreten. Het komt wel vaker voor dat ze denken:”oh een blanke snapt er toch niks van we rijden wel een eindje om”. Ondertussen zat Tatang honderd uit te praten over Agus, want die had hem naar het vliegveld in Jakarta gebracht en natuurlijk veel over ons verteld. Ik maakte Tatang duidelijk dat de chauffeur verkeerd aan het rijden was en ik even moest ingrijpen.
De chauffeur reed heel langzaam en deed net of hij iets aan het zoeken was. Ik maakte hem duidelijk met gebaren dat hij rechtdoor moest rijden en dan linksaf, waardoor hij weer op de weg terecht kwam die hij eigenlijk direct had kunnen nemen. Toen hij door had dat ik wist waar ik was en waar ik naartoe moest, gaf hij ineens een dot gas en reeds feilloos naar het hotel. Ondertussen zag ik ook dat hij zijn meter niet aangezet had en ook daarmee wilde hij me dus beduvelen. Nu weten we ondertussen aardig wat een ritje ongeveer kost, dus ik zat er al helemaal klaar voor toen we bij het hotel gearriveerd waren. Hij riep iets en ik had het geldbedrag waar ik zeker van was dat hij niet meer van mij zou krijgen al klaar en gaf hem dat. Hij was direct stil en durfde volgens mij niets meer te zeggen (had ook geen zin, versta hem toch niet). Sommige taxichauffeurs zijn erg gemeen en proberen je zeker een poot uit te draaien.
Ik had met Theo afgesproken dat ik Tatang nog in Shenzhen zou rondleiden en naar een supermarkt met hem zou gaan om boodschappen te gaan kopen.
Nou is hij moslim en mag dus geen varkensvlees hebben en de Chinezen zijn gek op varkensvlees. Het was dan ook heel erg moeilijk om voor hem producten te vinden die hij wel kon eten. Het leuke was dat hij dacht wel aan het personeel in de winkel iets te kunnen vragen, maar dat valt heel erg tegen vanwege de taal en wat ik merkte was dat de Chinezen in de winkel dachten dat hij een Chinees was. Dat deed me heel erg goed, want daaruit blijkt wel dat het moeilijk te zien is, waar ze vandaan komen.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten