We waren vrijdag aan de rondreis begonnen richting Pangandaran, onderweg zijn we gestopt bij Kampung Naga. Om in dat dorp te komen moet je 360 traptreden naar beneden lopen en natuurlijk ook weer omhoog.
Het is een dorpje waar de tijd helemaal stilgestaan heeft en waar alles nog op de oude manier gedaan wordt. Vooral de huizenbouw is heel bijzonder, de gemeenschappelijke "badkamer" voor alle bewoners is buiten en de toiletten zijn........
Later op de middag kwamen we aan in Pangandaran. Je legt hier ongeveer 225 km af in 5 Ć 6 uur, over soms hele smalle hobbelige weggetjes. Onderweg naar Pangadaran kom je ontzettend mooie rijstvelden en geweldige landschappen tegen.
Pangandaran is een badplaats en ligt aan de zuidkant van Java. In 2006 is hier een tsunami geweest en deze heeft alles 600 meter landinwaarts vernield. De restanten daarvan waren nog heel goed te zien. Vanaf die tijd is het ook niet meer zo in trek en heeft de wederopbouw tot nu toe veel moeite gekost. De mensen spreken dan ook telkens van voor en na de tsunami. Je kunt je pas voorstellen hoeveel kracht zoiets heeft, als je ziet dat de stenen huizen die toch zo'n 500 meter van de kust liggen gewoon vernietigd zijn.
We zijn 1 dag in Pangandaran gebleven om naar de Green Canyon te gaan. Dit is nog een stukje oerwoud waar je met een bootje doorheen kunt varen. Ook hebben we daar een bamboebrug uitgetest.
Vanuit Pangandaran zijn we de volgende dag weer vertrokken naar Wonosobo. Daar ligt het Djiengplateau waar je 's morgens vroeg om 5 uur moet zijn voor schitterende foto's. Het was ongeveer een uur rijden vanuit ons hotel, dus het was vroeg opstaan.
Verder is er nog een groot meer waar allemaal giftige dampen uit de aarde komen opborrelen. We hebben nog wat restanten van een oude Hindoe-tempel bezocht en zijn toen terug naar het hotel gegaan voor een ontbijt en vervolgens vertrokken naar de Borobudur.
Zijn wens ging gelijk daarna in vervulling toen hij Jacqueline vroeg met hem te trouwen. Henk en Jacqueline waren op deze dag precies 2 jaar bij elkaar. Het was voor ons natuurlijk een hele eer om daar getuige van te mogen zijn.
Na de Borobudur zijn we doorgereden naar Yogyakarta, waar we onszelf voor 2 dagen een verblijf in het Hyatt hotel kado hadden gegeven. 's Avonds hebben we samen met Henk en Jacqueline romantisch gedineerd, want er moest toch iets gevierd worden.
De volgende dag hebben we het Kraton van de Sultan bezocht, een traditionele markt, het waterpaleis en Fort Vredeburg.
Het vervelende van Yogyakarta is wel dat er een heel netwerk van mensen in die stad rondloopt, die je gids willen zijn, of je naar achteraf gelegen batikhandelaren willen brengen en dan geld willen vangen. Het was zeer vermoeiend die mensen voortdurend duidelijk te maken niet van hun diensten gebruik te willen maken. Ik ging ze gaandeweg in het Indonesisch, in steeds bozere bewoordingen duidelijk maken, dat ze weg moesten gaan. Gelukkig hielp het al als we lieten merken, dat we Indonesisch spraken en in Indonesie woonden. Daarnaast moet je daar heel erg goed op je portemonnee letten.
Gelukkig zijn dit soort praktijken in Bandung niet aan de orde.
Het Hyatt hotel beschikte ook over een golfbaan en natuurlijk een zwembad. Dus de volgende dag zijn we om 7.30 de golfbaan op gegaan om daar 18 holes te spelen. Aansluitend zijn we bij het zwembad gaan liggen en hebben onszelf op een massage getrakteerd.
's Avonds zijn we naar een voorstelling geweest met op de achtergrond de Prambanan, de grootste Hindoetempel van Java.
De dag erop zijn wij met de trein van Yogyakarta naar Bandung gegaan. De trein reed door hele mooie landschappen en was voor Indonesische begrippen erg comfortabel.
Agus was de dag ervoor al om 4.30 uur vertrokken met de auto naar Bandung en stond ons 's avonds weer op te wachten bij het station en hij was blij Ibu weer te zien. Natuurlijk de anderen ook (Jacqueline heeft hem ook al helemaal in haar hart gesloten).
De dagen daarna zijn we gaan shoppen in de factory outlets. We zijn nog via de Puncak pas met haar theeplantages
naar Bogor geweest, waar we de Botanische tuinen en Villa Buitenzorg (Max Havelaar van Multatuli) hebben bewonderd.
De terugweg was op zich al een hele belevenis waar Agus alle zeilen bij moest zetten om ons weer heelhuids thuis af te leveren. Vooral ook omdat de Ramadan begonnen was, maar daar over de volgende keer meer.
Nog een keer golfen, naar het Angklung optreden en geluncht bij Sapu Lidi. Een bezoek gebracht aan een doveninstituut waar een mevrouw doofstomme tieners opvangt en een vak (kleermaker, masseur, manicure, papier en kaarten maken, voorwerpen van keramiek) leert met ondersteuning van Terre des Hommes en het Liliane fonds. Ze verkopen daar tassen en hele mooie kaarten, keramiek en dergelijke. Margriet heeft gezorgd dat ze ook via de wereldwinkel in Nederland hun artikelen kunnen verkopen. Het is bewonderenswaardig hoeveel uithoudingsvermogen en inzet deze vrouw heeft. Het is dan ook fantastisch om te zien hoe deze ontwikkelingsmedewerkers in dit soort landen werken.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten